Begrip · woningmarkt

Wat is de Prijsindex bestaande koopwoningen (PBK)? Uitleg en betekenis

17 juni 2026

Prijsindex bestaande koopwoningen (PBK): De PBK is de officiële maatstaf van CBS en Kadaster voor de prijsontwikkeling van bestaande koopwoningen in Nederland, gecorrigeerd voor woningkwaliteit.

De Prijsindex bestaande koopwoningen, afgekort PBK, is de officiële thermometer van de Nederlandse huizenmarkt. Het CBS en het Kadaster berekenen de index samen, en hij verschijnt maandelijks. De PBK beantwoordt één vraag: zijn bestaande koopwoningen duurder of goedkoper geworden ten opzichte van een eerder moment?

Hoe werkt de PBK?

Het Kadaster legt elke woningtransactie in Nederland vast: het adres, de overdrachtsdatum en de verkoopprijs. Dat zijn tienduizenden transacties per jaar. CBS koppelt die verkoopprijzen aan de WOZ-waarden van alle woningen. Zo corrigeert de index voor het feit dat de ene maand toevallig meer grote villa’s worden verkocht dan de andere maand — de zogenoemde kwaliteitsmix. De rekenmethode heet SPAR (Sales Price Appraisal Ratio).

Het resultaat is een indexcijfer. Sinds begin 2024 geldt 2020 als basisjaar (index = 100). Een stand van 120 betekent dat dezelfde woning gemiddeld twintig procent meer waard is dan in 2020.

De PBK is beschikbaar op maandbasis voor heel Nederland, en op kwartaalbasis uitgesplitst naar provincie, COROP-gebied, de vier grote steden en vijf woningtypen.

Waarom is de PBK belangrijk?

Voor kopers geeft de PBK context bij een vraagprijs. Stijgt de index al kwartalen achter elkaar sterk, dan weet je dat aanbod schaars is en dat wachten je vermoedelijk duurder zal uitkomen.

Voor verkopers helpt de index om een realistische vraagprijs te bepalen. Een dalende PBK signaleert dat kopers voorzichtiger zijn en dat overbieding minder vanzelfsprekend is.

Voor beleidsmakers, banken en journalisten is de PBK de standaardreferentie bij hypotheekverstrekking, economische prognoses en berichtgeving over de woningmarkt.

Hoe ontwikkelde de PBK zich van 2015 tot 2025?

Na de crisis van 2008–2013 trokken de prijzen geleidelijk aan. Vanaf 2015 zette een langdurige stijging in, aangejaagd door lage rentes, een groeiende economie en een structureel tekort aan woningen. Die stijging versnelde sterk tijdens de coronajaren 2020 en 2021.

In 2022 bereikte de PBK het hoogste niveau in de geschiedenis van de statistiek. Dat jaar waren bestaande koopwoningen gemiddeld circa 13,6 procent duurder dan een jaar eerder, met een gemiddelde verkoopprijs van rond de 430.000 euro.

De rentestijgingen van de ECB koelden de markt daarna snel af. Vanaf augustus 2022 daalden de prijzen maand op maand. Over heel 2023 lagen de prijzen gemiddeld bijna drie procent lager dan in 2022 — een correctie die naar historische maatstaven relatief mild en kort was.

Vanaf juni 2023 draaide de trend opnieuw om. De prijzen stegen weer elke maand, en eind 2023 lagen ze alweer hoger dan een jaar eerder. In november 2025 meldde CBS dat bestaande koopwoningen ruim zes procent duurder waren dan twaalf maanden daarvoor, al vlakte de stijging op dat moment al enige tijd af.

De PBK leert ons dat de woningmarkt beweegt in cycli — maar ook dat de onderliggende krapte in Nederland structureel is, en dat dalingen doorgaans minder diep en korter zijn dan in andere landen.